submenu

Wetenschapper Pattie Maes woont in Amerika - 30/08/2021

‘Het meeste mis ik mijn familie en vrienden’ Pattie Maes is een wereldautoriteit op het vlak van artificiële intelligentie en een van de meest vooraanstaande Belgische wetenschappers in het buitenland.

Hoewel het nooit echt haar bedoeling was definitief te verhuizen, werkt ze al 32 jaar in de Verenigde Staten, aan het gerenommeerde Massachusetts Institute of Technology (MIT) in Boston.

In het jaar 2000 noemde het Amerikaanse blad Newsweek haar één van de ‘100 Amerikanen om in de gaten te houden’, terwijl TIME Digital haar rekende tot de ‘Cyber Elite’ van 50 technologische pioniers en het World Economic Forum haar bestempelde als één van de ‘Global Leader for Tomorrow’. Ondertussen is Pattie Maes nog altijd professor aan het MIT, meer bepaald in het Media Arts and Sciences-programma waar ze de ‘Fluid Interfaces’-onderzoeksgroep van het Media Lab leidt. ‘‘Fluid Interfaces’ gaat over hoe we onze telefoons en computers kunnen herdenken en herdesignen, zodat mensen mentaal en fysiek gezond blijven wanneer ze die toestellen gebruiken.

Tuinieren en konijnen

Pattie Maes woont sinds 1989 in Amerika. ‘Het was nooit expliciet de bedoeling om hier de rest van mijn leven te blijven wonen. Dat zou ook een te grote beslissing zijn geweest. Maar van het één kwam het ander. Eerst was ik hier voor een week, dan voor een zomer en daarna voor een heel jaar. Eigenlijk heb ik mijn spullen nooit verhuisd, omdat ik altijd dacht dat ik nog terug naar België zou komen.’

Zo veel jaren later Wemmelse herinneringen opdiepen vindt Maes best leuk. Zeker omdat haar beste jeugdvriendin Anne Teresa De Keersmaeker dat voor haar ook al deed in deze reeks. ‘Zij was een jaar ouder dan ik, maar we kenden elkaar van op de Sint-Jozefschool. Elk weekend was ik samen met nog andere vrienden zoals Ine Pisters op de boerderij van De Keersmaeker te vinden om plezier te maken in de hooischuur, de beesten eten te geven en op het boerenpaard te rijden. Als ik nu nog eens in Wemmel ben, wil ik niet meer langs de Obberg passeren omdat ik die mooie herinneringen niet wil overschrijven met nieuwe impressies van hoe het daar nu is.’

Computerwetenschappen waren dus helemaal niet datgene waarmee Maes bezig was in haar jeugd. ‘Naast de balletlessen die door de moeder van Anne Teresa werden georganiseerd in de oude Zandloper aan de Zijp, waren mijn hobby’s planten en dieren verzorgen. Al van toen ik tien jaar was, was ik erg geïnteresseerd in tuinieren, groenten kweken en de konijnen, kippen en geiten in onze kleine tuin. De jaarmarkt met al die prachtige dieren was voor mij ook het belangrijkste evenement van het jaar. Ik heb er ooit zelfs eens aan deelgenomen met mijn konijnen.’ (lacht)

Anders durven zijn

Pattie Maes woonde aan de Sleedoornlaan in een gezin met zes kinderen: vier meisjes en twee jongens. Haar ouders en drie van de vier grootouders waren ook van Wemmel. ‘Wanneer ik te voet naar school ging, konden vooral oudere mensen al aan mijn gezicht zien dat ik één van de kinderen van Maes en Van den Broeck was. Mijn vader was dokter met een praktijk in Brussel. Hij is opgegroeid vlak aan de kerk als zoon van beenhouwer Maes recht tegenover het Glazen Huis. Mijn moeder is opgegroeid in de Kamstraat en was tandarts. We hebben nog altijd veel familie in Wemmel wonen. Een grote familie is natuurlijk een beetje chaotisch, maar vooral heel plezant. Daar heb ik de beste herinneringen aan. Het zijn dan ook de familie en de vrienden in Wemmel die ik het meest mis. Onze drie zonen komen ook graag naar België, omdat ze hier veel neven en nichten hebben van dezelfde leeftijd waarmee ze goed opschieten.’

Normaal keert Maes twee à drie keer per jaar terug naar Wemmel, maar door Covid is het ondertussen een jaar geleden. Nog door Covid moest de familiereünie voor de negentigste verjaardag van haar moeder in september worden uitgesteld. Die moeder speelde ooit een belangrijke rol in de studiekeuze van haar dochter, toen die van de middelbare school aan Maria Boodschap naar de VUB trok. ‘Toen ik moest kiezen wat ik wilde studeren, was het crisis en was er veel werkloosheid. Vader is vroeg gestorven en moeder had graag dat we een goede job zouden vinden. Zij is het die mij aangeraden heeft om informatica te studeren. Ik wilde eventueel biologie of architectuur doen, maar de biotechnologie stond toen nog in haar kinderschoenen, en wat architectuur betreft waren vooral fermettes in de mode (lacht). Computerwetenschappen was nieuw en moeder dacht dat dat wel iets voor mij was.’

Ondertussen heeft Pattie beide nationaliteiten, kon ze op president Obama stemmen en kijkt ze zoals het hoort samen met vrienden en gezinsleden met wat junkfood voor de tv naar de populaire Superbowl-finale in het American Football. Wat ze minder heeft in Amerika is dat ze elk weekend met vrienden op café kan zitten om bij te praten, zoals vroeger in het Hooghuis of in Het Signaal in Wemmel. ‘Maar waar ik vooral naar uitkijk als ik terugkeer naar België is een wandelingetje op den buiten tussen de velden. Zoals vroeger, toen alles tussen de Robbrechtsstraat en de ‘Hogebaan’ (de as Poverstraat, Amelgemstraat, August Van Doorslaerlaan) nog velden en veldwegen met veel modder waren, en mijn vader altijd de legende van de Duivelsschuur van Amelgem vertelde.’

 

Tekst: Michaël Bellon
Foto: © Eva Luna
Uit: zandloper september 2021